Deze blog beste lezer, dompelde u enkele weken in het leerrijke bad genaamd: ‘politieke roddellandschap in België’. Wekenlang snuisterden we door dag en –weekbladen om samen met u de leukste weetjes te ontdekken. En, al zeg ik het zelf, het resultaat mag er zijn. U kwam ondermeer te weten dat Prins Filip zijn ondergoed in lusters hangt, Bart De Wever een echte carnivoor is (maar mij nog steeds niet heeft toegevoegd op de sociale netwerksite ‘Facebook’), Morel en Vanhecke smoor zijn op elkaar en De Crem van bier en bloggers houdt.
Want ja, dit alles is hoopla-nieuws. Moest u deze blog niet van begin gevolgd hebben dan herhaal ik nog even de definitie: ‘Hoopla nieuws is volgens Brants en Van Praag (2000, p.64) die berichten die een sfeerverslag geven van de campagne, de veelal rituele en sfeerbeelden van politici op pad’. Ook berichtgeving over het persoonlijke leven van de politici wordt tot ‘Hoopla nieuws’ gerekend. In het algemeen betreft het berichtgeving met een hoog entertainment gehalte die de kiezer geen relevante inhoudelijke informatie verschaft over de partijen of over de politici’.
Willen wij dit hoopla-nieuws eigenlijk allemaal wel lezen, of staan wij daar ‘boven’? Publiceren de kranten deze feiten omdat wij het willen lezen, of lezen wij het omdat de kranten het publiceren? Of anders: ‘doet het ons meer lezen, doet dit meer verkopen?’
In heel wat cursussen die ik in mijn prille loopbaan als communicatiewetenschappelijke student las, kwam ik het begrip ‘tabloidisering’ tegen. Dit begrip omvat vele definities en Doctor Laurence Hauttekeete van de vakgroep communicatiewetenschappen Universiteit Gent beschrijft in haar doctoraatstudie (2005) ‘De tabloidisering van kranten: mythe of feit?’ wat we hieronder moeten verstaan. Zij geeft heel wat definities voor het begrip maar samengevat komt het hierop neer: ‘een verandering in de nieuwswaarden of nieuwsframes enerzijds en een wijziging in de visuele opmaak van de krant anderzijds. Het eerste kenmerk leidt tot een verdrukking van het politieke nieuws ten voordele van het lichtere nieuws. Het andere kenmerk heeft te maken met een toegenomen belang van foto’s en een focus op het aantrekken van lezers en niet langer op het aanbieden van informatie.’
In deze context interesseert vooral het eerste element ons. Hauttekeete (2002, p.1) meent dat het begrip ‘ideaal is om de media te beschuldigen van sensatiezucht, emotionalisering en personalisering.’ (Ze nuanceert wel dat het begrip meerdere ladingen dekt maar daar gaan we nu niet op in). Dekeyser (Hauttekeete, 2005, p. 83) verwoordt het dan weer mooi als: ‘De media zijn de Mc Donalds van de keuken. Ze leveren hapklare maagvulling in een kleurrijke omgeving.’ Volgens Dekeyser lezen we steeds meer emotie, geweld en dramatiek en rukt daarom de tabloidisering in onze kranten op.
Mag elke krant zich zomaar laten gaan in het publiceren van roddels? Marc Hooghe meent in De Standaard van 24 november dat we bij elk ontbijt in een sfeertje terecht komen waarbij we elke dag getrakteerd worden op een nieuwe portie schandalen en schandaaltjes. In zijn artikel ‘Gegijzeld door scandalitis’, dat er kwam naar aanleiding van de gelekte liefdesmails (tussen u weet wel wie), ziet hij drie oorzaken voor die trend.
Als eerste oorzaak haalt hij de journalistieke deontologie aan. Volgens hem moet een ernstig medium de boot afhouden wat betreft belastend materiaal uit de privésfeer.
Ten tweede haalt hij het grotere aanbod van mogelijk belastend materiaal aan. De Lijst Dedecker is daar de numero uno in van het Vlaamse landschap.
Een derde en meer structurele oorzaak voor de huidige schandaalsfeer die er heerst, is volgens Hooghe de algemene malaise in de politieke besluitvorming. ‘Door het nu al meer dan anderhalf jaar lang aanslepende geknoei heeft de politieke klasse op dit ogenblik nauwelijks nog krediet bij de publieke opinie, en dat maakt hen bijzonder kwetsbaar voor dit soort aanvallen.’ zo meent Hooghe.
Klopt allemaal, maar het probleem gaat natuurlijk verder dan een al dan niet falende regering. Kiezers zijn vlottende kiezers geworden en laveren tussen meerdere partijen. Om zijn of haar stem te winnen is het dus nodig met gepersonaliseerde campagnes kiezers te lokken en wanneer een concurrent geschaad wordt is dat alleen maar goed voor de andere… Het uitlekken van de liefdesmails tussen Morel en Vanhecke komt Verstrepen goed uit, waarmee ik helemaal niet insinueer dat hij er iets mee te maken zou hebben.
De toenemende commercialisering en concurrentie is volgens mij nog een reden voor de tabloidisering. Mag de commercialisering onze redacties eigenlijk wel beïnvloeden? Ok, het is en blijft een bedrijf dat moet presteren. Maar heeft een krant ook niet als voornaamste taak de burger te informeren met nieuws dat maatschappelijk relevant is? ‘De waakhond van de pers’, de ‘vierde macht’ weet je wel? En de redacties en hoofdredacteurs/marketeers wijzen graag naar deze verheven taak als ze gaan aankloppen bij de diverse regeringen om hun noodlijdende sector te ondersteunen.
Ik geef toe, ik heb dit hoopla-nieuws graag gelezen. Maar of het relevant is? Niet altijd natuurlijk, behalve wanneer het tot op deze blog geraakte.. Zo werd De Wever vegetariër voor het milieu en ging De Crem gewoon ‘lekker niets doen’ in New York. De grens tussen al dan niet relevant zijn is klein en het moet als journalist vast niet makkelijk zijn met die grens om te gaan. Maar toch, ik denk, of liever, ik vrees, dat er een nieuwe journalistieke cultuur op komst is. Eentje die niet meer zo gewetensvol is en gaat voor het snelle goedbekkende commerciële nieuws… Éen die zijn bronnen niet altijd dubbel checkt (fenomeen van factchecking zie de weblog van mijn medestudente Leen Desopper). Éen die bronnen zo maar overneemt van nieuwsagentschappen (weblog van medestudente Annelien Boens). Éen die vooral wil ‘scoren’ met zijn nieuws maar niet altijd stilstaat bij de gevolgen van soms persoonlijke berichtgeving. Kortom één van sensatie en tabloidisering. Frank Thevissen meent in De Standaard van 26 november dat ‘sensatiejournalistiek altijd wel de behoefte zal vervullen van een bepaald segment van de bevolking maar dat het niet thuishoort in een kwaliteismedium’. En zowel De Standaard, als De Morgen als Knack, toch wel kwaliteitsmedia in Vlaanderen, kunnen we hierop betrappen.
En het leuke, of het erge ervan, is dat deze kwaliteitsmedia elkaar beginnen te beschuldigen van ‘een boekske’ te worden…
Achtergrond geven, omzichtig te werk gaan met bronnen, checken van bronnen en ad rem zijn voor eventuele vervalsingen zijn de opdrachten die mijn medestudenten en ik te wachten staan als journalisten in spe. We gaan in ieder geval ons uiterste best doen om het tij een beetje te kunnen keren.
Hauttekeete, L., Peersman, W. & Debackere, J. (2002). Politiek in de krant: hebt u iets gemerkt? Tijdschrift voor sociologie, 23 (3&4).
Hauttekeete, L. (2005). De tabloidisering van kranten: mythe of feit? De ontwikkeling van een meetinstrument en een onderzoek naar de tabloidisering van Vlaamse kranten. Universiteit Gent.